Serviam +
LOONBONUS NIEUWIGHEDEN VANAF 1 APRIL 2011
pdf




Sinds januari 2008 hebben werkgevers de mogelijkheid om aan hun werknemers een niet-recurrent resultaatsgebonden voordeel, ook wel de loonbonus genoemd, uit te betalen.

Indien de loonbonus wordt toegekend volgens de door de wetgeving opgelegde voorwaarden, genieten werkgever én werknemer van een gunstig statuut en dit zowel naar de belastingen als naar de RSZ toe. 
De werkgever betaalt op het bedrag van de loonbonus enkel een bijzondere bijdrage van 33%.

Met ingang vanaf 1 april 2011, werden enkele nieuwigheden m.b.t. de loonbonus voorzien

Gewijzigde formaliteiten

  • Als er een vakbondsafvaardiging aanwezig is voor de betrokken groep werknemers, dient de loonbonus steeds via ondernemings-CAO ingevoerd te worden. Is er geen vakbondsafvaardiging in de onderneming, dan kan de loonbonus ingevoerd worden door een cao of door een toetredingsakte, naar keuze van de werkgever. Waar de toekenningsplannen voordien als bijlage bij de toetredingsakte dienden gevoegd te worden, moet dit plan sinds 1 april 2011 geïncorporeerd worden in de toetredingsakte zelf.
  • Collectieve arbeidsovereenkomsten en toetredingsakten die vanaf 1 april 2011 op de griffie worden neergelegd, moeten opgesteld worden overeenkomstig de verplichte modellen die terug te vinden zijn op de website van de federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg.
  • De werkgever is sinds 1 april 2011 verplicht melding te maken van het aantal werknemers dat betrokken wordt bij het plan. Hierdoor wordt een indicatie gegeven van hoeveel werkkrachten er aanspraak kunnen maken op de premie als de onzekere doelstelling behaald zal worden.
  • Vanaf 1 april 2011 is de werkgever ook gehouden om in de toetredingsakte/ondernemings-CAO te verklaren of er al dan niet een preventieplan in de onderneming bestaat.
  • Indien de vermindering van het aantal arbeidsongevallen of afwezigheidsdagen opgenomen wordt als collectieve doelstelling, dient de werkgever een globaal en een jaarlijks actieplan op te stellen ter bevordering van het welzijn op het werk. De sociale partners hebben hiervan vanaf 1 april 2011 een normatieve bepaling gemaakt waardoor de sociale inspectie nu wel de bevoegdheid heeft dit te controleren.
  • Een belangrijke wijziging in de procedure is tenslotte het wegvallen van het ontvangstbewijs van de ambtenaar van de inspectie. De werkgever moet zo'n bewijs niet meer afwachten, maar schrijft in de cao of toetredingsakte een verklaring op erewoord dat het register der opmerkingen effectief gedurende een termijn van 15 kalenderdagen ter beschikking werd gesteld. Het bericht van ontvangst zal worden vervangen door een verklaring op eer van de werkgever dat er geen opmerkingen waren of dat er opmerkingen waren, maar dat de uiteenlopende standpunten verzoend werden.

Mogelijkheid tot rechtzetting

Indien het plan afgekeurd werd, had de werkgever tot en met 31 maart 2011, geen mogelijkheid om dit nog recht te zetten. Vanaf 1 april 2011 kan de werkgever, indien zijn plan werd afgekeurd omwille van punctuele formele tekortkomingen, wel een correctie indienen. Tot 1 maand na de ontvangst van de niet-goedkeuring, kan de werkgever een verbeterde versie indienen. De ultieme beslissing valt dan binnen de maand na de ontvangst van het gecorrigeerde loonbonusplan. Bij gebrek aan een tijdige beslissing wordt het plan geacht goedgekeurd te zijn.

Controlemechanisme

Vanaf 1 april 2011 kan het paritair comité, na ontvangst van een of meerdere welbepaalde dossiers, eveneens beslissen om over deze dossiers niet te beslissen. Deze beslissing alsook de mogelijke opmerkingen van de organisaties vertegenwoordigd in het paritair comité, worden overgemaakt aan de griffie die onmiddellijk de door de minister aangeduide ambtenaar inlicht. Hierdoor wordt de procedure een flink stuk ingekort, aangezien voordien de ambtenaar eerst een termijn van twee maanden moest laten verstrijken eer hij van het betrokken paritair comité het dossier kreeg toegeschoven.

Berekening bedrag

De sociale partners voorzagen ook een uitbreiding van de gelijkstellingen voor de berekening van de loonbonus. Voordien was enkel de periode van moederschapsrust, verplicht gelijk te stellen. Vanaf 1 april 2001 moeten ook de vakantiedagen, de senior- en jeugdvakantiedagen, alsook de feestdagen gelijkgesteld worden met effectief gewerkte prestaties.